Letters waaien weg (249)

Over ikjes, de nieuwe layout van dit intro en de pareltjes van Timmerark

Om te janken was het ikje van Janke J. de Paauw-Westra, die haar 3-jarig kleinzoontje ten tonele voerde. Hij was verdrietig. Waarom? „Omdat ik drie ben, ben ik verDRIEtig. Als ik vier ben, niet meer.” Een van de slechtstgeschreven leuterkleinkindikjes ooit, vond iemand. “Ik moet er niet aan denken wat dit kind zegt als het acht is,” huiverde Lummel. “Mijn god (…) wat een verdriet. Om te janke, zeg dat wel” vond ook Bertie ervan. Jokezelf vond het ikje wel grappig, maar dat komt volgens haar vooral omdat ze zelf ook een kleindochter van drie heeft die dit soort dingen weleens zegt. Ben je klaar mee! Maar “ik ga dat alleen niet in de krant zetten”. Dat bedoelen we. Klare Taal trok het breder: “De ikjes zijn nauwelijks meer te pruimen, ouders over hun kinderen, grootouders over kleinkinderen, veel gezemel en gezeur zelfs geen grimlachje komt voorbij helaas.”

Lees verder Letters waaien weg (249)