Je zal maar in die bus gezeten hebben

“Wat een kloteleven heb ik toch eigenlijk!” klinkt ineens een mannenstem door de overvolle stadsbus. Het geroezemoes houdt op. We kijken om ons heen.

“Een kloteleven zeg ik!” Schoolmeisjes halen dopjes uit hun oren. Frummelen aan hun  Iphones. Een oudere vrouw kijkt bezorgd. Een klein jongetje, dat aan de hand van zijn moeder een plaats had gevonden bij de klapdeur in het midden, valt om. Zijn moeder kan hem nog net overeind houden.

“Een tering tering kloteleven. Dat is het!” klinkt het keihard door de bus. Sommige passagiers staan op en proberen over de mensen die in het gangpad staan heen te kijken. Ik blijf zitten.

De bus rijdt nu door de buitenwijken van de stad. Dat is eigenaardig, want het bestemmingsbordje vermeldt “Centraal Station”. En het duurt niet lang of de bus rijdt de bebouwde kom uit. In de verte doorklieft een blauwgele trein het groene polderland.

Mensen om me heen beginnen te giechelen. Zeker zo’n flash mob? Waar zijn de acteurs? Waar zijn de camera’s? Mobieltjes worden tevoorschijn gehaald, klaar om te klikken. Voor je het weet heb je een hit op Youtube.

Wie er het eerst mee begint, is niet duidelijk, maar al gauw klinkt er een schallend “we hebben een potje met vet” door de stadsbus. “Het is net een schoolreisje!” schatert een vrouw met een volle boodschappentas. Een klein meisje begint te huilen. “IPodje podje podje podje ve-he-het, al op de tafel gezet, terereeehhh …

“Koppen dicht!” brult een zwaargebouwde kerel achter in de bus. “Er huilt een klein meisje!” Het gezang houdt op. “Maddy?” klinkt het ergens hoopvol.

“Wat een klote klote kloteleven!” wordt er voorin weer geroepen. De bus draait nu een smal weggetje op, naar een dijk.

“Wie is die man toch?” vraagt een oudere heer met een krant in zijn hand. Niemand weet het. De bus is zo overvol, dat alleen de allervoorsten het raadsel zouden kunnen oplossen.  Maar wij zitten achterin. En het gangpad staat zo vol dat we niets zien.

Dan klinken er verschrikte kreten. De bus rijdt op een brede dijk, met aan beide kanten water zover het oog kan zien.

“Wie is die man?” herhaalt het heertje met een ongeruste klank in zijn stem.

“Dit kloteleven heeft geen zin meer!” De woorden galmen nu onheilspellend door de bus. En ineens realiseren we ons dat de wanhopige stem uit de intercom komt. De bus maakt een scherpe bocht, we rollen over elkaar heen, en we verdwijnen in de grauwe golven.

Advertenties

Het leven lief elke dag

Vandaag precies 

Zoveel jaar geleden 

  

Over de kop 

 Vliegende dokters  

 Opereren 

 

  

beter worden - 3

  

  

 “Geluk” gehad

Kracht gevonden

  Weer lopen leren

 

Klaar

 

  

beter worden - 2

  

 

Ik leef

En heb

Het leven lief

 

Elke dag

 

  

beter worden - 1 

 

 

 

Illustraties Apieknapie (mijn zoon).