Een klein knaagdiertje in de oven (398)

Over ikjes en alle boeken van John Irving

Een snee. As. Hoop. Gas. Een parkje. En een deurbel. Daar ging het over vorige week in ikjesland. Lezers van de NRC vulden de ikjesrubriek weer met waargebeurde of zelfverzonnen verhalen. Het ikjespanel beoordeelde ze streng en vakkundig. Dit waren de bevindingen.

De lengte, de dikte, de vorm en de precieze plaats van de snee

Die snee? Daar zaten wij niet mee. Die zat tussen de neus en de lippen van Frans Weijzen. De man lag in het ziekenhuis en er was een chirurg precies op die plaats een kwaadaardige plek aan het verwijderen. En daar had hij of zij een snee voor nodig. Frans lag onder plaatselijke verdoving mee te luisteren naar het overleg van de operatiemannen en -vrouwen over de lengte, de dikte, de vorm en de precieze plaats van de snee. Toen het te lang ging duren riep Frans jolig vanonder het operatielakentje: “Nu u het niet eens kunt worden, lijkt het me goed u erop te wijzen, dat hier een advocaat ligt, die u bij een verkeerde snee per ommegaande aansprakelijk zal stellen.” De chirurg was niet op zijn of haar mondje gevallen en antwoordde onmiddellijk: „U vergeet dat ik hier een heel scherp mes in mijn handen heb.” Lachen in die operatiekamers in Nederland!

Lees verder “Een klein knaagdiertje in de oven (398)”

Nippen aan een kommetje citroenwater (390)

Over ikjes, grasmaaiers en Ad Hok

Het Zijper Museum in Schagerbrug. De receptie van een vakantiepark in Frankrijk. Het buitengebied. Het ziekenhuis Eben Haëzer in Amsterdam. Het ouderlijk huis van de jongste zoon van Dineke Hoekstra. De grasmaaierswinkel. Willekeurige plaatsen ergens op deze wereld? Ergens op een andere wereld dan? Neen. Voluit neen. Al deze plaatsen waren vorige week in het nieuws. Welk nieuws? Het NRC-nieuws. Tjongejonge, dan moet die krant wel een wijdvertakt netwerk aan correspondenten hebben? Neen. Voluit neen. Ze doen dit via hun lezers. Die sturen het nieuws naar de krant. Het benne geen journalisten, dus de krant noemt die stukjes geen “nieuws” of “columns” maar “ikjes”. Omdat ze vaak over de lezer zelf gaan. Had dus ook best “jijtje” of “hijtje” of “zijtje” of “u’tje” of “hetje” kunnen heten. Maar het heet “ikjes” en ik ga die van de vorige week nu bespreken. Ik? Neen. Voluit neen. Wij! Zij! Het deskundige ikjespanel heeft de hele week commentaar zitten te geven, elke dag weer, en daar pik ik de krenten uit. Om ook hullie te eren. En zo wordt zo’n inleidende paragraaf al gauw langer dan het hele stuk en schrikt het lezers af in plaats van ze lekker te maken.

Lees verder “Nippen aan een kommetje citroenwater (390)”
%d bloggers liken dit: