Onze reageerders, dat is inmiddels wijd en zijd bekend, oordelen hier elke dag over de ikjes uit de NRC en soms in hun enthousiasme in één moeite door over de ikjesauteurs (m/v). Die oordelen zijn soms niet mals. Maar ze zijn zelden persoonlijk of beledigend. Dat is wel zo fijn. Want ikjesauteurs schrijven niet expres slechte ikjes. Ze doen dat uit domheid, onbegrip of onvermogen, en daar kunnen ze niks aan doen. Erger zou het zijn als ze expres slechte ikjes zouden schrijven. Om ons te jennen. Maar daar zijn geen aanwijzingen voor. Luiheid lijkt soms wel voor te komen, maar dat zien we door de vingers. Want lui zijn we allemaal weleens. Lees verder “Het was een mooie dag vandaag (134)”
De openbare toilettendiscussie van vorige week pruttelde nog even door. De vraag of je bij hoge nood het hok van de andere sekse mag induiken, hield nog heel wat reageerders bezig. “Nou ben ik geen dame”, zei Luvienna bijvoorbeeld, “maar ook ik had al een tijdje door dat je op zoek naar een openbaar toilet het beste eerst het invalidentoilet probeert. Kun je nog een dansje in maken, mocht die drang je na of voor de boodschap overvallen (…) In het enkele geval dat het invalidentoilet al rechtmatig gebruikt wordt, is het herentoilet een goede tweede optie. Met de blik op oneindig langs de in gebruik zijnde urinoirs naar een poepdoos lopen en hopen dat die niet net voor het officiële doel gebruikt is.” Lees verder “Ik plas altijd naast de pot om blind te lijken (133)”
Foto: (c) 2016 Stronkje met een plekje zon, A. Dapie
“Die stinkwindjes (zachte sluipers, noemden wij dat) kwamen ongetwijfeld van een stiekeme spijbelaar, die hompen biefstuk, droge worsten, ingevroren gehaktballen en dergelijke ergens verstopt had”, zei onze Luvienna, bekend om haar scherpe waarnemings- en deductievermogen. Pawi merkte op: “Gepurgeerd, ontslakt, verstoken van alles wat het leven aangenaam maakt, daarbij nog wat geuren die je liever niet gewaar zou worden, wie zou nu niet jaloers op je zijn?”Klare taal sprak de verwachting uit dat “deze ontberingen, ascetische exercities, helse fysieke pijnen gepaard gaande met eventuele geestverruimende hallucinaties (…) een beter en sterker mens” van mij hebben gemaakt. Bertie vond “een gereinigde blogbaas een prettig idee”.
Kortom, het blog kende vorige week een vliegende start na de zomerpauze die ik mediterend had doorgebracht, zie mijn geurrijk verslag alhier. En natuurlijk, tien dagen Vipassana, want dat waren het, maken niet in tien dagen een Verlicht Persoon van iemand, volledig onthecht en volkomen gelijkmoedig. Nogal wiedus, zullen jullie denken. Ja, toch zijn er mensen die me dat soort dingen naar het hoofd slingeren. Mensen die me niet goedgezind zijn. En die heb je nu eenmaal. Ik wens hen alle goeds, en hoop dat ze ooit beter zullen weten en zich met positievere dingen gaan bezighouden. Lees verder “Dit is de ultieme zeurplek (132)”
Pas nog in Scheveningen geweest. Het is eng. De meeuwen scheren lager dan anders over de hoofden. Ze wachten niet meer tot de avond om het strand af te schuimen op overgebleven etensrestjes (lege frietzakjes met een klodder mayonaise aan de zijkant en een paar harde stukjes onderin het puntje). Neen! De meeuwen zijn nu echt op jacht. Overdag. Op het drukke strand, op de boulevard, op terrasjes, en zelfs in straten en pleinen diep in Den Haag. Hun gemene kraalogen en hun wrede haksnavels worden nu ingezet om ons, mensenmensen, en vooral kinderkinderen, van onze patat en haring te beroven. Het zal met de klimaatverandering van doen hebben. De natuur is in de war. De zon is ook al feller en het blijft soms langer licht dan normaal. Het wachten is op de eerste buizerd die boven de BBQ in je stadstuintje cirkelt. De ratten die via de toiletpot je huis binnenstromen. De spinnen die je ’s nachts inkapselen. Lekker wakker worden! Lees verder “Er is iets met de meeuwen aan de hand (129)”
Pezibear via Pixabay, CC0 Public Domain, Free for commercial use, No attribution required maar dat doen we lekker wel.
Wanhopig gaan overal in de wereld de zandzakken voor de deur. Het klootjesvolk stapelt ze op, opgejut door middelbare mannen met merkwaardige toupetjes en flikkerende gebitten. En de klootjes maar denken dat ze hun macht laten gelden, hun middelvinger opsteken, hun land en hun leven terugkrijgen. Dikke LOL icoon. Domme tokkies toch die jullie me d’r eentje van me zijn. Leren jullie dan echt niets van de geschiedenis? Oh nee, die kennen jullie niet, geschiedenis is school, is lezen, is intellectueel, duurt langer dan 2 minuten, staat niet op muziek en er staat geen naakt wijf bij. Nou, doe maar lekker jullie dingetje dan. En klik NUweg. Lees verder “Zandzakken voor de deur (127)”
Vuilnisman, kunnen deze zakken ook mee? (bron: Henk Spaan)
Een uitzwaaipagina tegen de haat, zou dat geen goed idee zijn? De suggestie is afkomstig van een reageerder alhier, die verder geen vlieg kwaad doet, hooguit af en toe wat spulletjes uit een ziekenhuis steelt, en al decennia niet meer blowt. De gedachte werd niet uitgewerkt, het bleef bij opperen. Mark, want over hem hebben we het, is immers al 95 dagen of misschien wel 100 dagen van de sigaretten af, en al tijden van de morfine, en da’s zoals bekend niet goed voor de focus. “Ach, daar heb je niet echt een keuze in”, sprak hij beschouwend, “ik had discipline moeten hebben, niet moeten gebruiken, sparen en ik had op rozen kunnen zitten en nu zit ik op methadon en aardbeien.”Lees verder “Uitzwaaipagina tegen de haat voorgesteld (126)”
De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Vorige week buitelden de goede ikjes over elkaar heen. Ze waren allemaal prima. Heeft de redaktie van de NRC ze opgespaard? Zit het in de lucht? Werpt onze opbouwende kritiek dan eindelijk zijn vruchten af? Feit is dat alle ikjes leuke lezersanekdotes waren, fijn opgeschreven, niet te spekkig, zonder overbodige eindzinnen en …. met lekker veel zelfspot. Daar houden we van. Zo waren ze bedoeld. Kijk maar even mee: Lees verder “Wilt u een grote of een kleine? (125)”
De Grafschriftenkelder was vorige week weer eens open. Niemand weet hoe zoiets werkt, maar ineens sluipt er iemand naar beneden en laat een mooiigheidje achter. Zoals Heer Rozenwater: “Hier ligt Heer Rozenwater”, schreef hij, “Hij kon helaas niet rijmen.” Nou, mooi toch? Geen woord teveel. Ook iemand anders kende zijn beperkingen: “Nou en hier lig ik dus begraven, met feiten kan ik dat nu niet meer staven, want ik kan niet rijmen of dichten zonder de steen op te lichten.” Maar de mooiste van de week was die van Mark: “Ik wil gewoon een graf waar de ruimtedieren met een blije blaf hun reünie komen vieren.” Zie hier nog wat andere fraaie grafdichten. Lees verder “Waar de ruimtedieren hun reünie komen vieren (124)”
Dat was schrikken vorige week. Toen er wegens omstandigheden geen intro verscheen op maandagmiddagmiddag 13:00 uur. Er was van alles aan de hand, that’s why. Maar nu is het allemaal weer voorbij. En ik schets in dit stukje dus weer met veel plezier de highlights van vorige week, zodat deze week ook voor jullie nu echt kan beginnen. Vanochtend was nog even warmdraaien, zeg maar. Lees verder “Nu is het allemaal weer voorbij (123)”
OK, een kleintje dan, een piepklein introotje, omdat we het met z’n allen toch best wel missen. “’s Avonds bel ik een goede vriendin: „Maak jij de binnenkant van je theepotje ooit schoon?” „Nou zeg”, antwoordt ze, „wat een obscene vraag!”
Hedda Treffers was weer in vorm vorige week. Haar theepotikje viel in de smaak bij het lezerspubliek, dat moet gezegd. Door het gebruik van het woord “obsceen” ga je vanzelf de binnenkant van het potje met het vrouwelijk geslachtsdeel vergelijken, zei iemand. Sinds de publicatie van het ikje worden theepotjes anders bekeken.