
Hopla, ben ik weer … zijn we weer … we gaan er weer tegenaan. Zachtjes aan beginnen, niet ineens te wild uitpakken. Lekker rustig, harmonisch en in tune met het draaien van de aarde. Met het vibreren van de atmosfeer. Het kringelen van de aurawolkjes rond de bomen. Was het leuk? Ja, het was leuk.
Ik was ergens waar het heel stil was, waar mobieltjes en computers en televisies niet bestonden. Waar boeken en opschrijfblaadjes en pennen taboe waren. Waar het eten vegetarisch was. Waar het drinken geen koffie maar thee was. Alcohol en andere genotsmiddelen waren natuurlijk al helegaar niet aan de orde. Lees verder “Apie is weer open (131)”








De Grafschriftenkelder was vorige week weer eens open. Niemand weet hoe zoiets werkt, maar ineens sluipt er iemand naar beneden en laat een mooiigheidje achter. Zoals Heer Rozenwater: “Hier ligt Heer Rozenwater”, schreef hij, “Hij kon helaas niet rijmen.” Nou, mooi toch? Geen woord teveel. Ook iemand anders kende zijn beperkingen: “Nou en hier lig ik dus begraven, met feiten kan ik dat nu niet meer staven, want ik kan niet rijmen of dichten zonder de steen op te lichten.” Maar de mooiste van de week was die van Mark: “Ik wil gewoon een graf waar de ruimtedieren met een blije blaf hun reünie komen vieren.”