De ideale besmettingsplek (311)

Over ikjes, Dik Trom en mountainbikers

We mogen alleen maar honden arresteren. Vinden ze gezellig. Hij volgt de les vanuit een jacuzzi. „Ik geef ze het voordeel van de twijfel.” Thuisgekomen weet ik nog steeds niet tegen wie hij het nou eigenlijk had. Totdat de persoon voor mij doorliep en de rest van de zin zich aan me toonde: “… doende afstand!”

Wat of dit voor een rare beginalinea is? Het zijn de laatste zinnetjes, ook wel pointes genoemd, van de NRC-ikjes van vorige week. Ik dacht, kom, dacht ik, laat ik eens zo beginnen. Waarom weet ik niet meer. Maar het was me het ikjesweekje wel, zal ik maar zeggen.

Lees verder De ideale besmettingsplek (311)

Geitje (310)

Over ikjes, een geitje en een botje

Het dochtertje van bijna twee van Robin Mattemaker las met hem mee toen hij in de krant een artikel over de Capitoolbestorming las. Ze bestudeert de foto van de geschminkte in bont gehulde en met woeste hoorns uitgedoste QAnon-sjamaan uit Arizona en concludeert: „Geitje.”

Zo willen we ze hebben, de ikjes in de NRC, ik wel tenminste. Ook Klare Taal was er blij mee. “Geen gemok of gezeur maar een vader die gewoon de krant leest met een jong kind op schoot, een kind dat meekijkt en stil zit en niet de krant verscheurt.”

Het betreffende ikje werd gepubliceerd op “blue monday”, iets waar Pawi ons op wees met een link waarop we alles over dat fenomeen konden lezen, tot en met de formule om de datum te berekenen aan toe. Opgesteld lang voor de huidige coronapandemie, mind you, we leven nu in een blauwe tijd waar geen einde aan komt, zo lijkt het wel.

Lees verder Geitje (310)

Piemelmok en kuttenkop (309)

Over ikjes, een tienjarig jubileum en stout drinkservies

De piemelmok, waarover Hedda Treffers vorige week een ikje in de NRC schreef, bracht het aantal reacties hier op het ikjesbespreekblog naar een hoogtepunt. “Piemel lijkt me een woord voor kinderen tot tien jaar en voor mensen die eigenlijk niet van piemels houden”, wist De Schrijvende Rechter (DSR) bijvoorbeeld. En Ad Hok veronderstelde dat Hedda weer bezig is met een nieuwe ikjes-wc-poster. Hij vroeg zich af of er “ook zoiets als een kuttenkop zou bestaan?”

Een illustratie van het fenomeen kan ik hier niet laten zien vanwege copyright. Heer Rozenwater zit daar net zoals zijn compaan JdW zoals bekend niet mee en plaatste het plaatje wel, zelfs zonder bronvermelding. Moet hij weten. Ik weet hoe het hoort.

“Kom maar op m’n blog kijken, kun je een lul zien

“Kom maar op m’n blog kijken, kun je een lul zien”, sprak DSR minachtend en zo was het. Te triest voor woorden. Wij houden daar niet van, althans nou ja laat maar. Hier hielpen we wel Bertie aan een foto van een mok met het oor, nee niet de piemel, aan de binnenkant. Je moet er maar naar zoeken. Een oor. Aan de binnenkant. Zij is daar al haar hele leven naar op zoek. Vanaf vorige week niet meer dus en we horen graag wat ze er nu mee is opgeschoten.

Lees verder Piemelmok en kuttenkop (309)

Ouwe gescheurde spijkerbroek (308)

Over ikjes, een lekkere jeans om te scrollen en een lepeltje

Eigenlijk was het toeval dat Ronald Berkvens een nieuw overhemd aantrok op de dag van het kennismakingsgesprek met zijn nieuwe burgemeester. Want waarom zou je er ook aan denken wat je aandoet voor zo’n maf gesprekje met zo’n onbelangrijke figuur? Nee hoor, Ronald had er net zo goed in zijn onesie, of een ouwe gescheurde spijkerbroek heen kunnen gaan. Enfin, hij stond dus bij de burgemeester in zijn nieuwe kloffie, blijkt er toch ineens nog een speld in zijn kraag te zitten! Een stuk misschien ook wel, maar hoe laat het was vertelt het meeslepende verhaal niet. De pointe? De burgemeester zelve haalde de speld er “behendig en doortastend” uit. “Ik ben ook verantwoordelijk voor veiligheid.” zei hij er nog olijk bij en gaf Ronald een vette knipoog en een kneepje in de wang.

Photo by jasmin chew on Pexels.com – niet gescheurd en veel aangenamer om naar te kijken

Het hele voorval stond uitgebreid beschreven in de naar kopij hongerende NRC van vorige week. Alles is goed, zelfs verhaaltjes van lezers. Ze plaatsen alles en noemen het een vernieuwend concept: ikjes. Al bijna een decennium. Hier doen we er wekelijks verslag van. Wat we ervan vonden en zo.

Lees verder Ouwe gescheurde spijkerbroek (308)

Muti wel of niet (307)

Over ikjes en grapjes over achternamen

Treuren maakt blij, wist Herman van Leeuwen, en daar waren we even stil van. Totdat we ons realiseerden dat het een ikje was, en dat het een slogan van wildhandel Treuren betrof, geplakt op een auto die voorbij reed. Het is waar. We hebben ze hilarischer gezien, maar de kop van de nieuwe week was ermee af en dat was ook wat waard. En nu is zelfs de kop van het nieuwe jaar ermee af.

Muti wel of muti niet?

Gelukkig nieuwjaar allemaal trouwens. Ik zou het bijna vergeten. Want alles was anders. De oliebollen moesten in eenzaamheid worden opgegeten. De dronken bende van vroegere oudejaarsavonden bleef uit. We zaten nu samen op de bank naar Netflix te kijken. En vanwege mijn werk keek ik pas zojuist, zondagochtend 3 januari, naar het Nieuwjaarsconcert van de Wiener Philharmoniker met dirigent Muti. Muti wel of muti niet, hoe vaak zal deze Italiaanse dirigent dat naamgrapje hebben gehoord als hij voor zaken of plezier weleens in Nederland was? Ik raad: nooit.

Lees verder Muti wel of niet (307)

Hi (306)

Over ikjes en mondkapjes

Dementie-ikjes druk ik niet meer af. Er stond er vorige week weer eentje in de NRC. Weg ermee. Echt. “Je zou er van langs je enkels gaan pissen om het nog een beetje warm te krijgen”, verzuchtte De Schrijvende Rechter (DSR). “Je zult na een lang leven toch maar zo op de achterkant van de krant eindigen.”

In deze coronatijd heeft hij toch niks anders te doen

Het was opnieuw magerheid troef qua ikjes. Die van Luc Keijzers van hierboven bespreken we dus niet eens. Maar die van Lex Heijnis was niet echt veel beter. Zijn kleinzoon van zestieneneenhalf zit in zijn eindexamenjaar, leutert opa. Zestieneneenhalf, met halve jaren reken je al vanaf de peuterleeftijd niet meer toch? En ze bellen met elkaar. Normaal is kleinzoon kort van stof. Nu praat hij honderdeneenhalf uit. Waarom? In deze coronatijd heeft hij toch niks anders te doen. Dat was de hele ik. Wat een clou. Wat een pointe. Wat een originaliteit. Not (3 ½ keer).

Lees verder Hi (306)

Leven in een visstick (305)

Over ikjes, bouwvakkershumor en een zieltogend blog bij de buren

De decembermaand stemt altijd wat weemoedig en nostalgisch evenals het intro van vandaag, zo was de haarscherpe constatering van Klare Taal vorige week. Nou, dat dit intro die weemoed en nostalgie maar weer weg zal blazen. Dat is de hoop van de schrijver dezes. We doen ons best en gaan het zien.

De Schrijvende Rechter (DSR) wilde hier “meiden” zien, maar dat hoefde van ons niet. Daarvoor gaat hij maar naar andere sites. Wij zijn blij met Pawi, Bertie, Klare Taal en de andere dames van de gemeenschap. Want op een bepaalde leeftijd, zo zei ons ooit een wijsgeer, groei je over meiden heen. Kom zeg, we zijn Raymond van het Groenewoud niet hier.

Lees verder Leven in een visstick (305)

Wat een armoede (304)

Over ikjes en andere droevige dingen

De dochter van Judith Hendriksen richt een studentenkamer in. In een hoge kast in de keuken wil ze de schoonmaakspullen plaatsen, want daarin kun je volgens haar moeder het best spulletjes zetten die je niet vaak nodig hebt. En hopla, daar heb je al weer een ikje geplaatst in de NRC. Wat een armoede, wat u zegt. Maar we doen het er voorlopig maar mee, in deze rubriek die zo langzamerhand steeds meer op een In Memoriam voor het Ikje gaat lijken, volgens Bertie. En gelijk dat ze heeft.

De Schrijvende Rechter (DSR), iemand die alleen maar dankzij de ikjes een bekendheid is geworden, althans bekendheid in de heel kleine ikjescirkel, reageerde zijn chagrijn af op het onderhavige blog. Een “margeblog” noemde hij het, “waar sommigen je voor de lol aan puin schrijven”. Met die sommigen had hij volgens mij vooral zichzelf op het oog, maar misschien weet hij dat niet.

Lees verder Wat een armoede (304)

Oeverloos geouwehoer (303)

Over ikjes en een heel spannend woordspelletje

De man van kakmadam Lucienne van Mierlo is achtendertig jaar huisarts geweest en nu in goede doen. Hij gaat in een trainingspak met de bekende strepen en een baard van een paar dagen naar de markt. Want Lucienne vindt dat hij met die baard op Sean Connery lijkt en hij doet zijn vrouw graag een plezier. Zijn favoriete kraam is die van de aardappelboer. Daar komt een dame naast hem staan. Die vraagt of hij vroeger ook marktkoopman is geweest. De man ontkent en vertelt dat hij huisarts is geweest. “Even valt er een stilte”. Waarom dan, en waarom even, en waarom valt zoiets? Maar goed, dan presenteert de onbekende vrouw de pointe van het ikje (want dat is het): “Dat is ook een mooi beroep”.

Geborneerde NRC-lezer ontmoet normaal mens

Geborneerde NRC-lezer ontmoet een normaal mens. De ikjes in deze categorie zijn op vele vingers van vele handen te tellen. Maar het mag van De Schrijvende Rechter (DSR) ook de categorie van “Oeverloos Geouwehoer” heten. En ook van Pawi mocht het ikje direct de prullenbak in. Het was erg jammer dat de ikjesweek daarmee vorige week moest beginnen. En veel beter werd het niet.

Lees verder Oeverloos geouwehoer (303)

De kat zijn kat (302)

Over ikjes en een rode paardenstaart

Moh zeg, zo wauw!! Merci!!” was de blijde reactie van LOLA♥ CHAMPAGNE op haar eervolle vermelding van vorige week. Kijk, daar ben ik dan weer blij mee, want dan doe je het allemaal niet voor de kat zijn kat. Maar ze heeft gewoon een hele leuke site, daar ging het me om. Als je het vorige week niet gedaan hebt, kijk dan gewoon nu (na het lezen van dit intro)-niet klikken had ik gezegd – en als je het vorige week ook al gedaan hebt, zoals Klare Taal ¨met veel genoegen¨, doe het dan nog maar een keer. Het ging vorige week over corona en de telefoon opnemen. Niet nu-huuuu.

Eerst wat er hier gebeurde, want daar komen jullie voor. Of alle kwikstaartjes, wit of geel, overwinteren in Senegal, was bijvoorbeeld een vraag. Van Pawi nog wel. En ik maar beloven dat ik het zou opzoeken. Not dus. Geen tijd voor gehad. Maar we hebben nog tot in de lente. UPDATE: de witte blijven hier, de andere trekken weg, naar Afrika en zelfs Azië. Einde update.

Lees verder De kat zijn kat (302)