Doe niet zo mal

Valentijnsversje met een twist

In ons restaurantje was het weer Valentijn

Samen leken we best gelukkig te zijn

Ik at mijn foie gras met heel veel zin

Bij hem ging de patat er vlotjes in

Ik bestelde een karafje rode Bordeaux

En ook zijn cola – met een rietje – stond er zo

Toen zei hij “mama houdt toch ook van lekker eten

Is ze ons voor altijd vergeten?”

“Jongen”, lachte ik luid, “doe niet zo mal”

Maar ik hoorde “The winner takes it all“

Header image: Café le Paris, 129 Boulevard Carnot 78110 Le Vésinet France. De plaats waar zich dit heeft afgespeeld, vele jaren geleden. Misschien wel.

Valentijnsversje

In ons restaurant in het Franse stadje
at mijn tafelgenoot worst met een patatje.
Om ons heen was het Sint Valentijnsfeest.
Nooit was het lokaal zo romantisch geweest.

Ik at mijn foie gras met heel veel zin.
De Sint-Jacobsschelpen gleden er zachtjes in.
Ik bestelde een karafje rode Bordeaux
maar ook zijn cola met een rietje stond er zo.

Je t’aime”, stond er op de servetjes.
Nee, niet snuiten, dat is niet netjes!

Toen de koffie met het koekje werd geserveerd
vroeg hij zacht “Pa, wat doen wij nou verkeerd?
Mama houdt toch ook van lekker eten?
Waarom is ze ons alletwee vergeten?”

“Jongen”, zei ik met doffe stem
“Je moeder is veel gelukkiger met hem.”

Gedicht op aanvraag van Plopje, zie drasties. De prozaversie staat hier. Engels? Hebben we ook: Valentine Dinner.

Valentijnsdiner

De restaurantbaas van ons Franse dorpje had zijn best gedaan. Roze kartonnen hartjes. Romantisch licht. Zwoele muziek. De zaak is uitverkocht. Jonge en oude stelletjes om ons heen. Zwijmelende pubers. Papa’s en mama’s zonder kinderen. En oude paartjes, met ‘monsieur’ in driedelig pak en ‘madame’ in haar beste jurk.

De foie gras is heerlijk. Ik bestel een ‘demi pichet’ Bourgogne. En een cola. De Coquilles St. Jacques, boterzacht, glijden naar binnen. En de frietjes en de worstjes.

Het is een prachtige avond. “Je t’aime”, staat er op de servetjes.  Nee, geen vliegtuigje van vouwen, glimlach ik.

Als de koffie wordt gebracht, pakt hij mijn mobieltje en vraagt: “Mag ik mama bellen? Kijken waar ze nu is?”

“Ja, jongen, dat is goed”, zeg ik en kijk in de verte.

Ook verkrijgbaar in dichtvorm, als versje dus, en in het Engels.