
Neem nou zo’n ikje van Minnie Elias over de AOW. Dat betekent “Altijd OnderWeg“. Hahaha, kietel eens onder mijn arm, zei mijn vader vroeger. Ikjes waren ooit als anekdotes bedoeld, meegemaakt en puntig opgeschreven door lezers van de NRC. Het ikjesgebeuren was toendertijd een novum, vanwege (a) de interactiviteit van krant en lezer (niet slechts de journalist schrijft en de lezer leest, maar ook eens omgedraaid, nu normaal) en (b) de kortheid (men dacht destijds dat een column kort was, nou, dat waren streekromans vergeleken met het ikje).
Ikjes zijn
Legacysystemen zijn oude informatiesystemen voor cruciale businessprocessen uit de begintijd van de digitalisering, waarvan alleen een inmiddels reeds lang gepensioneerde ex-systeembeheerder ongeveer weet hoe het zo’n beetje in elkaar zit. Nu blijft iedereen er maar vanaf, want niemand weet wat er gebeurt als je ergens aan een draadje trekt.
Een ikje over twee gestolen wielen. Een ikje over een advocatentiepmiep met een indianenpak. Eentje over een zoon die voor 5 euro met zijn mama danst. Een ikje over een corpsbal die een vuurtje vraagt aan een Marokkaan. En een ikje over het cadeautje van een vrouw voor haar bijna gepensioneerde echtgenoot: hij mag voortaan de vaatwasser inruimen. Waar gaat het tegenwoordig nog over in Nederland? Is het dan een wonder dat de kwaliteit van de reacties die van de ikjes zelve inmiddels verre overstijgt? Ook vorige week weer, kijk zelf maar. Of blijf hier voor de highlights.


Het is ongelooflijk wat hier allemaal in een week tijd wordt gereageerd. Lezers delen belangeloos hun pennenvruchten met elkaar en de hele wereld: commentaren op de actualiteit, jeugdherinneringen met zwart-witfoto’s, gedichten, video’s. Het kan niet op. “Als raketten spuiten de letters het scherm in“, meldde Riverside Blues. En dat allemaal naar aanleiding van de ikjes.
De strip “Fokke & Sukke” is ooit door de redaktie van het literaire studentenblad