Een blikje achter de schermen van de huilbaby

Zoals ik vandaag heb ontdekt heeft een collegablogger een paar weken geleden gemeend om passages uit onderlinge emailuitwisselingen en chatsessies tussen hem, anderen en mij op zijn blog openbaar te moeten maken. Sommige dateren wel van tien (10!) jaren terug.

“Jij was afstandelijk, wantrouwig en behoorlijk arrogant.”

De aanleiding was en is futiel. We hebben elkaar vorig jaar samen met een paar andere fans van me een keer in Utrecht live ontmoet. Ik vond het niet zo gezellig en hij wel. Toen ik een half jaar later daarop terugkijkend in het algemeen zei dat er bij die ontmoeting “een vervelend sfeertje” hing en dat ik daarom iets eerder dan gepland was opgestaan, ging hij door het lint. Hij was persoonlijk beledigd en diep gekwetst. Ik had zelfs “met terugwerkende kracht een leuke middag voor hem verpest”. Hij meende als volgt te moeten natrappen: “Nou, de sfeer was uitstekend hoor toen jij was opgestapt. We hebben nog gezellig over jou zitten roddelen. Jij was afstandelijk, wantrouwig en behoorlijk arrogant. Iemand die zich te goed voelt voor een bepaald gezelschap kan inderdaad beter opstappen.

Ik heb hem meerdere malen gemeld dat hij hiervoor niet mijn toestemming heeft.

Toen ik achter de schermen probeerde om hem tot bedaren te brengen, ging het van kwaad tot erger. Het waren “ellenlange geestdodende herhalingen van zetten” en hij publiceerde vervolgens dus een karakteraanval met verhalen en citaten op zijn blog, over uiteenlopende voorvallen van de afgelopen jaren met het dreigement dit maandelijks te gaan doen. Ik heb hem meerdere malen gemeld dat hij voor het publiceren van mijn e-mails niet mijn toestemming heeft.

Lees verder “Een blikje achter de schermen van de huilbaby”

Een kakelvers intro (193)

Terugbladeren en vooruitlopen op ikjes en de actualiteit

Karel van Grondelle wist een paar weken geleden een zogenaamd “tandemikje” in de NRC geplaatst te krijgen. Weten we het nog? Dat zijn twee fietsanekdotes die worden geplaatst als een en hetzelfde ikje. Apart hoor. Tijd niet meer gezien. De eerste was lichtelijk racistisch getint, de tweede vond ik wel leuk. Onze Karel rijdt op de fiets naar de fietsenmaker, met een hand aan het stuur terwijl hij met de andere hand de kapotte fiets van zijn vrouw naast zich meetrekt. Natuurlijk valt hij.

Op de stoep staat een oudere vrouw met twee boodschappentassen. Ze kijkt naar mij en naar de tram die in de verte nadert. Ze zet haar tassen neer en trekt mij aan mijn arm omhoog. Ik trek mijn fiets naar de stoep. Dan zegt ze stomverbaasd: „Daar ligt nóg een fiets! Maar waar is die fietser gebleven?”

fb_img_15220822611144646056503643316440.jpgNaar aanleiding van een ikje van Rozemarijn de Goede, wier dochtertje na een middag samen “chillen” en eten bij een vriendin dolenthousiast thuiskwam en zei „Mama, bij Louise bidden ze voor het eten en het smaakte zó lekker… zullen wij dat voortaan ook maar doen?” brak er een klein brainstormpje los over synoniemen voor “chillen”. Vroeger noemden we het “spelen” of “hangen”, maar het is volgens de een in feite “met oordopjes in youtuben en spotifyen”. Pawi opperde: “uitrusten, niks doen, niks hoeven, met Netflix aan.” Bertie hield het op “zich ontspannen, even niksen, beetje kletsen”. En de mooiste kwam van Mopperkont: “Als wij vroeger zaten te chillen, kregen we van mijn moeder een mand met aardappelen in de schoot gedrukt.”
Lees verder “Een kakelvers intro (193)”

Het ikje moet blijven, voor altoos en eeuwig (192)

Terugkijken en vooruitblikken op ikjes en actualiteit

De mensen vragen weleens aan mij: “Bas”, vragen ze dan. “Die ikjes uit de NRC waar jij zo mee dweept, is dat nou echt iets bijzonders, of zijn het gewoon lezersverhaaltjes die in elke krant zouden kunnen staan?”

Als ik tijd en zin heb, dan antwoord ik daar op. En soms ga ik er voor zitten, stop mijn pijpje, en steek van wal.

Die verhaaltjes mochten de journalistiek niet in de weg zitten en moesten gaan over hulliezelf, lezersanekdotes dus, want dat is onschuldig.

“Kijk”, zeg ik dan vriendelijk, “Die ikjes die dateren nog uit de tijd dat de krant een Meneer was. Journalisten schreven. Columnisten ook. En Hoofdredacteuren. Maar dat was het wel. Die hadden het Laatste woord en Gelijk. Lezers moesten lezen en ze konden hooguit hun gram halen via een ingezonden brief, die vaker niet dan wel werd afgedrukt. En die maar hoogst zelden tot iets als een rectificatie of een antwoord leidde. Op een goeie dag werd het internet uitgevonden. En kranten dachten dat ze niet lang meer te leven hadden.”

Ikje, wat is dat eigenlijk?

“Toen werden ze allemaal interactief, oftewel: de lezer mocht meedoen. In de Volkskrant mochten ze vrijuit bloggen. In de NRC mochten ze kleine verhaaltjes insturen. Piepklein en op de achterpagina. Die verhaaltjes mochten de journalistiek niet in de weg zitten en moesten gaan over hulliezelf, lezersanekdotes dus. Ze noemden het “ikjes”. Grappig gevonden. Het meest vernieuwende was dat alle reacties op die ikjes ongemodereerd op de site van de krant kwamen.”

Lees verder “Het ikje moet blijven, voor altoos en eeuwig (192)”

Uitslag Internationale-Vrouwendagverhalenwedstrijd

Het is weer Internationale Vrouwendag vandaag en gelukkig maar. Stel dat het gisteren was, dan waren we te laat.

De opdracht voor de wedstrijd van dit jaar luidde: “Deel een herinnering aan een vrouw naar keuze en waarom zij zo bijzonder was of nog altijd is. Illustraties en foto’s welkom, mits in het nette. Iets van klei mag ook. Of een recept van een gerecht dat vooral vrouwen lekker vinden.”

Tot mijn plezier kwamen er via het speciale reactieformulier tientallen bijdragen binnen. De belofte om de uitslag vandaag al 1 minuut na middernacht te publiceren kon ik dus op mijn buik schrijven. Hopelijk gaat dat er vanavond weer af. Lees verder “Uitslag Internationale-Vrouwendagverhalenwedstrijd”

Er zit een boek aan te komen (191)

Terugblikken en uitkijken naar ikjes en actualiteit

Het meest vermeldenswaardige nieuwsfeit van vorige week was dat Jokezelf ons terugvond en wij haar. “Jokezelf over gisteren, vandaag en morgen” heet haar blog en het staat tegenwoordig keivol stukken en dingetjes over de Nederlandse kunstschilder Sjeng van Dalsum, overleden in 2015, en Joke was toen zijn vrouw, iets dat wij nog niet wisten in ieder geval, maar bij deze.

Joke heeft de verantwoordelijkheid over de nalatenschap van de Van Dalsums en werd, toen ze eenmaal ging spitten, verrast door “de hoeveelheid, veelzijdigheid en kracht van wat er allemaal boven water kwam.” Ze ging aan de slag met een boek. En er blijkt zelfs een heuse crowdfundingactie voor dat werkje geweest te zijn, maar ja, wij wisten van niks, en die is dus mislukt. Jammer.

Maar gelukkig zit er nu toch een boek aan te komen, dat Joke in eigen beheer aan het uitgeven is. Dat gaat ze op 10 maart a.s. presenteren in de bibliotheek van Noordwijkerhout, waar inmiddels een expositie van het werk van Sjeng van Dalsum van start is gegaan. Gaat dat zien, kunstminnende lezers (m/v/o) van de Bas van Vuren site. Lees verder “Er zit een boek aan te komen (191)”

Zwetend prikken in eigen uitwerpselen (190)

Vooruitkijken en terugblikken op ikjes en actualiteit

En gelachen dat we vorige week hebben! Xavier Moonen vertelde over de ontbijtzaal van een hotel in de Haagse binnenstad waar bij een schaal met spiegeleieren een informatiebordje stond met de mededeling “dat dit product ei kan bevatten”. Soms denk je dat je in de NRC van twintig jaar terug zit te bladeren.

Zo langzamerhand kennen we toch die grappen wel over zijn kleine handjes?

Ene “…Doorweekt,,& Op de Draad Versleten…..” (aparte reageerdersnaam, maar dat heb je ervan als je mensen hun eigen naam laat kiezen) beklaagde zich erover dat in deze wekelijkse intro’s geen grappen over de “heer T.” staan. Terwijl toch “de hele wereld wordt bezaaid met grappen over hem”.

Welnu, beste reageerder, dat is misschien wel precies de reden. Bovendien reageert de heer T. hier niet en wordt er bijna niet over hem gepraat. Ook Ad Hok, sinds jaar en dag onze Amerikadeskundige, neemt de naam van die gevaarlijke democratisch gekozen loser zelden in de mond. En zeg nu zelf: zo langzamerhand kennen we toch die grappen wel over zijn kleine handjes, zijn gekke haardos en narcistische persoonlijkheid? Maar misschien is dat op de Filippijnen anders. Lees verder “Zwetend prikken in eigen uitwerpselen (190)”

Geen #metoo, wel voelen (189)

Vooruitlopen en terugblikken op actualiteit en ikjes

By Sebastiaan ter Burg, derived from Ruud Lubbers at Jong Management – 2016:, CC BY-SA 2.0

Onze wijze, slimme, charmante ex-premier Ruud Lubbers is dus niet meer. Een man die graag met ministers meedacht, die voortdurend met oplossingen kwam, die betrokken was, visie had, een opdracht, en die dus in alles een tegenstelling was met de huidige minister-president Mark Rutte, die zijn ambt als een kantoorbaan ziet en het allemaal vooral leuk en lollig wil houden.

Zeker, Lubbers was een lichamelijke man, zowel naar mannen als naar vrouwen. Hij heeft dat gemeen met wel meer passievolle, intense mensen. Van Mierlo, Wolkers, dat waren ook van die mannen die tijdens het gesprek erg dicht bij je kwamen. Je wilde voortdurend terugdeinzen. En Martin Šimek is nog zo’n voorbeeld, gelukkig nog in leven.

Om jou te “voelen” en er zeker van te zijn dat wat zij zeggen bij jou binnenkomt.

Die korte fysieke afstand is hun manier van communiceren. Ze bedoelen daar niets seksueels mee. Het is hun manier om met jou van gedachten te wisselen. Om jou te “voelen” en er zeker van te zijn dat zij jou begrijpen. En vooral om er zeker van te zijn dat wat zij zeggen bij jou binnenkomt. Het zijn mannen die jou tijdens het praten geregeld bij de arm pakken, of bij het afscheid in de schouder of zelfs lichtjes in de zij knijpen. Dat is gewoon de aard van dat soort mensen, en het heeft doorgaans – althans voorzover je zoiets in vergaderzalen en wandelgangen kunt meemaken – absoluut geen #metoo-achtige inslag.

Lees verder “Geen #metoo, wel voelen (189)”

Een prachtig en heel bijzonder intro (188)

Vooruitlopen en terugblikken op actualiteit en ikjes

Het was en is nog steeds carnaval overal. In Kielegat, bij de Kruiken en Kruikinnen, ook wel de Kruikenzeikers genoemd, in Oeteldonk en omstreken. Zelve tufte ik dit weekend in mijn huurautootje door het Brabantse land. Ik werd overal omgeleid door mannen in oranje hesjes die met hun rug naar praalwagens stonden. Een keer zelfs door dezelfde, een half uur later, toen de optocht die ik via een slimme sluiproute probeerde te ontrijden er van de andere kant gewoon nog een keertje aankwam.

De Moerdijkbrug was afgesloten

Speciaal aan de oranje hesjes draag ik dit weekoverzicht op. De Moerdijkbrug was afgesloten, dus ik moest een gigantisch eind omrijden op weg terug naar Schiphol. Had daardoor bijna het vliegtuig gemist. Vandaar een kort introotje deze week. Mag best een keer na die megalange van vorige week, waarna ik ook nogeens een paar dagen prettig heb lopen gonzen van de loftuitingen. Lees verder “Een prachtig en heel bijzonder intro (188)”

Die geur! Dat glijden! Dat avontuur! (187)

Vooruitlopen en terugblikken op actualiteit en ikjes

Nems zijn heerlijke Vietnamese loempia’s, maar dan anders. Ik at ze in Parijs vaak als tussendoortje of voorafje bij de “Chinees”. Je moet ze op een vers afgescheurd blaadje sla leggen, er tussen duim en wijsvinger wat verse plukjes munt overheen snipperen, blaadje oprollen, de hele mikmak in een piepklein schaaltje met een soort van zurige sambal dopen en hopla: open die scheur en hap slik en mag ik er nog eentje?

Njaaaaaaam, hier hebben we ze: nems!

Natuurlijk kun je ze ook zelf klaarmaken als je toevallig eens niet in Parijs bent. Zie het volgende recept van onze blogkok uit Frankrijk, Lummel, al sinds jaren ook de trotse eigenaar van zijn eigen minst gelezen kookblog ter wereld. Lees verder “Die geur! Dat glijden! Dat avontuur! (187)”

Ik voel me een kruimeltje (186)

Vooruitlopen en terugblikken op ikjes en actualiteit

We lazen vorige week een paar ikjes en vonden er wat van. Zoals die van Eddy Koning, die meldde dat je “eigenlijk nooit meer op straat iemand de band van een fiets ziet plakken”. Ja, het kan je maar opvallen. Dan moet je het opschrijven, een enveloppe en een postzegel zoeken en het naar een krant sturen. De NRC in dit geval, want die houden van lezersanekdoten.

De man was van de ANWB, zijn auto stond langs de stoep.

Eddy had het laatst toch nog een keertje gezien: fiets ondersteboven, teiltje water ernaast en “het bekende doosje met gereedschap”. Een vrouw stond ernaast te kijken hoe een man de achterband repareerde. De man was van de ANWB, zijn auto stond langs de stoep.

Nou, en dan denk je, wat gebeurde er toen? Niks. Dat was het ikje. Klaar. Mooi he? Dat dat in Nederland kan: een dagblad voor volwassenen waar je zulke verhaaltjes naar toe mag sturen. En dat ze dan geplaatst worden.

Lees verder “Ik voel me een kruimeltje (186)”