
Geen peuken in de voortuin graag


De kat trekt zijn neus op voor het nieuwe kattenvoer. Miauwt niet, maar kijkt verwijtend en eet niet.
Na twee dagen geef ik toe en rijd naar de dierenwinkel om het merk te kopen dat hij wel lekker vind: “Olives”.
Merkwaardige naam voor kattenvoer, maar ja, er zal wel olijfolie doorzitten. Ik heb ook al ginsengbrokjes gezien, hier in Amerika kan alles.
Ik zie het pak niet in de schappen staan en vraag het aan de dierenwinkelbediende.
“Olives??” reageert hij verbaasd. Nee, daar heeft hij nog nooit van gehoord.
Dat ik het hier al maanden lang koop, doet daar niets aan af. Hij zoekt het op in de computer, maar ook daarin komt geen ‘olives’ kattenvoer voor.
Op de terugweg vraag ik me af of ik dit droom. Of langzaam gek aan het worden ben.
In de afvalcontainer vind ik gelukkig nog de lege verpakking. Zucht.


Linkies naar muziekvideootjes zetten doe ik vrijwel nooit. Maar dit moet even.
VV Brown is wel zo’n geweldige nieuwe artiest. Zo’n aparte mooie muzikale echte gekke vrouw. Wat een talent. Wat een muzikaliteit. Wat een swing. Schrijft alles zelf. Timing! Uitstraling! Plezier!
Heb haar bij toeval ontdekt via het enige goede muziekprogramma op de Franse TV (Taratata) en ze heeft me sindsdien niet meer losgelaten.
Ik laat graag de Taratata-video zien die ik zelf zo’n twintig, dertig, misschien wel veertig keer heb afgespeeld in het vliegtuig op weg naar een ver land, op een priegelig schermpje in de leuning van de stoel voor me, en met kneuterige slechte oorknopjes in mijn oren die ik moest vasthouden om het geluid boven het vliegtuiglawaai uit te laten komen. Maar het gaf allemaal niet. Ik had haar net ontdekt. En wist nog niets van haar. Ik was sprakeloos en ademloos en wilde na de landing het vliegtuig niet meer uit.
Vandaag op dit blog dus: “Leave“. VV Brown voor een uitzinnig, kokend publiek op de Franse TV. Gezien en gehoord, hoog in de lucht, door een uitzinnig eenpersoonspubliek in stilte, dubbelgevouwen in een vliegtuigstoeltje.
Later vond ik een akoestische unplugged versie van hetzelfde nummer, gespeeld in haar kleedkamer, met alleen haar muzikanten, en met de cameraman als enige toeschouwer. Ik weet nog steeds niet welke versie ik nou mooier vind.
http://www.mytaratata.com/emission/taratata-n334/video/4461/vv-brown-leave-2010
“Leave” intiem:
Mooi? YouTube en Google staan vol met … VV Brown!
Ik moet heel nodig. Op de verkeerde plaats en op het allerverkeerdste moment. Ik probeer normaal door te spreken, maar ik ben bang dat het te zien is.
Kijk mij! Hier heb ik van gedroomd. Ik ben woordvoerder en sta mijn eerste toespraak te houden in de Tweede Kamer. Ze hangen aan mijn lippen. De camera’s snorren.
Maar ik moet plassen. En niet zo’n beetje ook.
Ik praat gewoon door, maar ik merk dat ik begin te zweten. Ik trek mijn rechterbeen op. Ik trek mijn linkerbeen op. De zinnen waaraan ik dagenlang zo zorgvuldig heb geschaafd, komen er te snel uit. Ik hijg.
Denk ik het alleen maar, of beginnen de Kamerleden naar elkaar te fluisteren? Zowel links als rechts? Ik kreun. Het gaat gewoon niet lukken. Nu reikt de voorzitter zelfs naar de hamer.
Oh, mijn God, ik voel het komen. Ik houd het niet meer. Ik sla dubbel en maak met trillende vingers de rits open. En terwijl ik me ontspan, weet ik dat mijn carrière voorbij is.
Eerder in een heel andere versie verschenen op drasties, op aangeven van de zanger en levenskunstenaar Mario de Kort. Ja, dit zou best in de toekomst met een Kamerlid kunnen gebeuren. Gerechtigheid laat soms een tijdje op zich wachten. Hoe je het kunt voorkomen? Altijd op tijd naar de wc gaan als je een toespraak moet houden.
Of: “Het had ook een kraai kunnen zijn die aan een condoom staat te trekken”
Met mijn Canon Power Shot SX201IS en een hoop goede zin ging ik van de zomer op natuursafari naar Maine.
Maine? Overweldigende natuur in het noordoosten van de VS, bijna Canada.
De walvissen vliegen je om de oren, de kreeften kruipen over de weg, de elanden knabbelen in je nek als je te lang op een bankje blijft zitten, en de vogels, ach de vogels, ze zwermen overal, ze zijn niet schuw, want ze worden nog niet neergeknald door Italiaanse jagers noch gelijmd door Belgische en Franse stiekumerds. Het is per slot van rekening: ver weg. En daar mogen die mannekes niet komen van hun vrouw.
Maine, lieve lezers, is een natuurparadijs. Ga daar eens heen met een goede camera en je hebt wat te laten zien thuis. Net zoals Apie. Kijk maar hier beneden, dit is slechts een kleine selectie van zijn beste plaatjes.
Ga daarna heel gauw naar de groep Natuurfotografie, zie hoe het wel kan en probeer de herinnering aan dit blog kwijt te raken.

Eenden, ja, dat ziet Apie ook wel, maar wat voor eenden?
We zullen het nooit weten.
Ze zwommen weg om nooit meer terug te komen.

Het was zo lief, een goudvinkje, en zo dichtbij. En maar fladderen en maar kijken met dat koppie. Waarom moet ie dan net als apie afdrukt dat koppie in zijn veertjes steken? Zeg het maar mensen, apie weet het niet.
Het is in ieder geval niks dus.

Ja hoor, een mantelmeeuw. Ik zag hem een krab vangen en over de golven scheren om hem lekker op een strandje te gaan oppeuzelen. Zo mooi. Denk je dat dat uit dit plaatje spreekt? Nee dus, hier spreekt helemaal niets uit. Het had ook een kraai kunnen zijn die aan een condoom staat te trekken. Anything! Dit kan toch niet in een groep ‘Natuurfotografie’ met coryfeeen als ramirezi en de stadsfotograaf van Velsen en hoe ze ook allen mogen heten. Ik geniet elke dag weer van die mooie scherpe platen van ze. En zelf? Zelf ben ik een mislukkeling.

Nog meer triestigheid. Een walvissafari. Dat kost wat, hoor. Je vaart vier uur uit de kust, en vier uur terug. En dan zie je dus walvissen. Midden op de Atlantische Oceaan. Machtig. En dan moet dit plaatje dat gevoel overbrengen.

We gingen ook op moose safari, heel hoog in Maine. Elanden zijn de grootste zoogdieren van Noord-Amerika. Ze lopen zo over je auto heen als je niet oppast. Imposante dieren. Nou ja, dat zien jullie wel aan deze opname.

Jullie boffen maar vandaag. Dit is de ‘common loon’, de nationale vogel van de staat Maine. Prachtig dier, he? En ook helemaal niet schuw. Je kunt heel mooi zijn parelende verenkleed ontdekken. De druppeltjes die nog aan zijn imposante snavel hangen, hij is net weer opgedoken na het vissen. Heerlijk gewoon, wat is die natuur toch mooi.
Als je er maar oog voor hebt.

En dit is ook zo’n spectaculaire vogel, in het echt, een doublegedingesde merganser, ruige oranje kop, keiharde rode haaksnavel, gemene felle oogjes, nou ja, prachtig vastgelegd dus ook. Of het mistte? Nee, het was prachtig weer.
b

Zucht. Bij deze weet ik niet eens of het eenden zijn en wat ik eigenlijk dacht. Misschien zijn het wel laarzen, maanden onder water geweest na een schipbreuk, en nu tevoorschijn gekomen, hoog op de woeste golven dobberend en hopend dat iemand ze met natuur zal verwarren. Ja laarzen, duik maar weer onder, het is gelukt.
Hier houdt Apie maar op. Nog plaatjes zat, maar hij wordt er chagrijnig van.
Een volgende keer olifanten in India, was in de lente, ook dit jaar. Man oh man, wat een prachtige tot nu toe ongepubliceerde foto’s heeft onze natuurfotograaf daar geschoten. Stay tuned.
Ik houd niet van duiven
ze zitten op je balkon te fuiven
en gedroogde poep op te stuiven
graag zie ik een kat
op hun karkasje kluiven.
Eerder verschenen op drasties, © 2010 Apiedapie. Uit de verzamelbundel “Hard voor de Natuur’, voorpublicatie. Ik houd echt niet van die beesten. Stadsduiven tenminste. Niks tegen wilde duiven of turkse tortels. Die zijn wild resp. lief. Maar stadsduiven zijn de ratten van de lucht. Ja! Wel!
Ik ben nog uit de tijd dat kantoorcollega’s die naar huis gingen met twee zware ‘loodgieterstassen’ werden bewonderd als ‘belangrijk en druk’.
Nooit zal ik die keer vergeten toen de tas van een van hen in de lift opensprong en er een appel uitrolde, gevolgd door een broodtrommeltje, een pak speelkaarten, en de krant. Verder was de tas leeg.
Tegenwoordig zie ik ze in de trein zitten met hun BlackBerries en iPhones, met de tong tussen de lippen ingespannen allerlei belangwekkende dingen aan het doen. Emails? Afspraken? Analyses?
Mijn buurman van vanmorgen zag er erg belangrijk uit. Strak in het pak. Stropdas. Ik kon het niet nalaten op zijn schermpje te gluren.
Ik zag een slangetje kronkelen dat hapjes moest opeten en blokjes ontwijken.
(eerder in iets andere vorm verschenen op drasties)
Mist
Vanochtend dikke mist. In mijn hoofd. En buiten.
Even niet meer weten waar het naar toe gaat.
Relatie.
Werk.
Auto in de reparatie.
Paswoord van google doet het niet meer.
Wc-papier op.
En buiten grijze nevels waar je ook niet doorheen kunt kijken.
Je kunt alleen maar vertrouwen dat alles er nog is. Het bekende.
Omdat je het met je verstand weet.
Mist is niet erg. Mist hoort erbij. De sluier trekt weer op en het leven gaat weer door.
Zo meteen.
Toch?
